Stageplan Leerjaar 2 deel 2

Mijn eerste indruk

Mijn allereerste indruk was tijdens mijn sollicitatie en tijdens mijn eerste gesprek als stagiair op het GLU. De school is gebouwd op een manier die werken stimuleert, door veel open werkplekken en open ruimtes. Dit heeft invloed gehad op hoe ik ben gaan lesgeven later. Wetende dat deze ruimte er is voor de leerlingen, ben ik ook meer geneigd om ze zelf aan de slag te laten en ze dingen vooral zelf uit te laten zoeken.

Voor mij persoonlijk moet ik altijd wennen wanneer ik in een nieuwe omgeving ben, maar omdat ik eigenlijk vanaf dag 1 al wordt gezien als een volwaardige collega in plaats van een stagiair, voelde ik mij meteen thuis. Dit heeft ervoor gezorgd dat ik mijn focus direct kan verplaatsen naar het vinden van mijn manier van lesgeven. Het GLU is een mbo met een hele praktische insteek. Dit houdt in dat leerlingen het beste worden bereikt door ze meteen dingen te laten doen. Dit zie ik ook terug in de lessen van Anja en Marco. In plaats van eerst een half uur dingen uit te leggen, worden leerlingen al vanaf het begin aan het werk gezet. Dit zorgt ervoor dat de leerlingen zich niet snel vervelen en meteen het gevoel hebben dat ze ergens mee bezig zijn. Ik hoop dat ik deze techniek ook snel onder de knie kan krijgen, aangezien het heel goed werkt bij de lessen die ik geobserveerd heb.

Vorig jaar gaf ik les op praktijkonderwijs. Hier was ik voornamelijk bezig met het pedagogische aspect van het lesgeven. Op het GLU hoop ik wat meer bezig te kunnen zijn met het vak en zoals het er nu naar uitziet ga ik dit ook zeker kunnen doen. Hoewel er af en toe nog wel drukte is in de klassen, merk ik ook dat de leerlingen meer een bewustzijn hebben van waarom zij op deze school zijn. Veelal is het hun eigen keuze om naar het GLU te gaan en dit zie je ook terug in hun gedrag. Het zijn niet iedere dag engeltjes, maar waar ik op het praktijkonderwijs vaak de vraag heb gesteld “Wil je hier wel zijn?” heb ik het gevoel dat ik deze vraag niet hoef te stellen op deze school.

Ik hoop te leren zijn hoe de lessen worden voorbereid. Vorig jaar kwam ik erachter dat wanneer je niet zeker weet hoe je de les gaat openen, of wanneer je niet al je spullen direct klaar hebt liggen, het invloed kan hebben op hoe onrustig je dag kan verlopen. Van Suzan, hoofd van de afdeling Grafisch Vormgeven, hoop ik meer organisatorische skills te kunnen leren. In onze gesprekken hebben wij het vaak gehad over dingen die vallen buiten het lesgeven, maar wel belangrijke zijn voor je functioneren als docent, zoals studiemiddagen, maar ook zelf onderzoek doen. Verdere leerdoelen van dit jaar vind je hieronder.

Mijn leerdoelen

– Ik wil leren om adquaat op te kunnen treden bij conflicten met en tussen leerlingen
In het begin van mijn lesgeven, heb ik hier flink in geworsteld. De leerlingen zijn vrij direct en ik wist niet zo goed hoe ik hiermee om moest gaan. Gaandeweg leerde ik mijn weg hierin vinden. Nu heb ik het gevoel dat ik veel adequater kan reageren op situaties, vooral omdat ik mijn eigen grenzen durf aan te geven.

– Ik wil leren om met een goede, duidelijke stem voor de klas te staan.
De groei hierin is niet alleen vanuit mijn stage, maar ook van de lessen op de academie gekomen. Ik heb altijd voor mijn presentaties goede feedback gekregen van mijn medestudenten en ben hierdoor enorm gegroeid in het presenteren. Dit heeft zich ook geuit in mijn manier van lesgeven: een persoonlijk haakje vinden waaraan je de les kan ophangen en dit overdragen naar de leerlingen

– Ik wil leren om assertiever te zijn in gesprekken met leerlingen. Ik wil de regie kunnen pakken in een gesprek.
Tijdens mijn stage heb ik enorm veel 1 op 1 gesprekken gehad met leerlingen. Ik heb hierin een persoonlijke stijd voor mezelf ontwikkeld, waardoor ik veel beter ben geworden in het houden van een gesprek met leerlingen. Het komt er veelal op neer dat je de leerlingen de kans geeft om ze hun verhaal te laten vertellen, in plaats van dat je constant tegen ze aan het praten bent. Op deze manier heb je een gesprek dat van twee kanten komt, ook als er alleen iets is dat je tegen ze wil zeggen. Op het moment dat je dan iets kort tegen ze wil zeggen, om bijvoorbeel de vragen of ze iets willen doen, weten ze ook meteen waar ze aan toe zijn.

– Ik wil leren om leerlingen enthousiast te maken voor onderwerpen die niet eerder zijn behandeld.
Wat voor mij heel erg heeft gewerkt toen ik een leerling was, was het persoonlijke haakje die aan een opdracht hing. Hiermee bedoel ik dat je de leerlingen een opdracht geeft die ze verder kunnen invullen met hun eigen interesses. Dit heb ik ook geprobeerd terug te brengen in mijn lessenreeks: het maken van een lamp die is gebasseerd op hun eigen belevingswereld. Ik merkte eigenlijk meteen dat de leerlingen enthousiast waren over de opdracht en heb dan ook echt mooie producten voorbij zien komen.

– Ik wil het praktische element van docent zijn onder de knie krijgen, waaronder lesvoorbereiding, het openen van de les en het afsluiten.
Ik heb het al eerder gehad over het afsluiten en openene van de les en de unieke manier waarop het Pouwer college dat doet. Dit is voor mij nuttig in de zin van dat het heel veel structuur geeft aan de lessen. Ik ga dit zeker meenemen naar volgend jaar.

Over voorbereiden heb ik geleerd hoe belangrijk het is, en dat je dat zeker niet moet onderschatten. Ik heb de fout gemaakt om 1 keer het voorbereiden te ver voor me uit te schuiven, waardoor ik heel erg in de knoop kwam tijdens de les. Dit is hierna nooit weer gebeurd.

– Ik wil graag ontdekken wat voor docent ik ben en mij hierop voorbereiden voor mijn volgende stage.
Ik weet nu veel beter wat voor docent ik wil worden. Zie ook Opdracht 6.

– Ik wil weten waar mijn grenzen liggen als docent wat betreft mijn taken.
In de eerste drie weken van mijn stage ben ik meteen hierop getest. Ik ben er dus achtergekomen dat je als docent geen therapeut bent. Ik wilde graag alle problemen oplossen voor de leerlingen, maar dit lag niet in mijn takenpakket. Het is daarom belangrijk om je eigen grenzen te stellen en je hieraan ook te houden. Dit is niet alleen goed voor je eigen mentale gezondheid, je moet ook beseffen dat je niet de hulp kunt bieden die andere professionals wel kunnen bieden.

Competenties waar ik aan ga werken

Hieronder een lijst met de competenties en waar ik mij dit jaar op ga focussen

1.4 In hoeverre is de student in staat kennis van de cultuurhistorische samenhang van de kunstdisciplines (dans, muziek, theater en beeldende kunst en vormgeving) en van hun maatschappelijk functioneren in verschillende tijdvakken toe te passen?

Deze competentie heb ik eruit gepikt omdat ik hier nog niet in de praktijk ben bezig geweest. Vorig jaar heb ik, zoals ik al eerder heb gezegd, gewerkt op het praktijk onderwijs, waar ik voornamelijk bezig ben geweest met praktijkvakken. Dit jaar hoop ik er ook wat theorie bij te kunnen pakken.

3.1 In hoeverre hanteert de student relevante communicatiemethoden, -technieken en -strategieën en toont inzicht in zijn communicatieve vaardigheden?

Waar ik vorig jaar al grote stappen heb gezet qua communie en veel heb gewerkt aan hoe ik stof overbreng met mijn stem, wil ik dit jaar vooral gaan ontdekken hoe ik mijn eigen stem kan vinden en mijn eigen manier van communiceren met de leerlingen. Hoe zorg ik ervoor dat ik niet te snel uit mijn slof schiet bijvoorbeeld?

5.2 In hoeverre verzamelt, analyseert en interpreteert de student data en/of literatuur op het terrein van kunst en educatie op een systematische manier en trekt op de grond hiervan conclusies die van invloed zijn op zijn handelen in de kunsteducatieve praktijk?

Omdat ik wil dat mijn stage dit jaar aansluit op mijn afstudeerproject is het belangrijk dat ik dit in mijn achtergrond houdt tijdens mijn stage. Omdat ik al een idee heb welke kant ik op wil met mijn afstudeerproject (identiteitsvorming) weet ik ook in welke hoek ik het moet zoeken. Tevens is een deel van dit onderzoek gebasseerd op mijn eigen ervaringen en deze ervaringen wil ik vergelijken met mijn handelen als docent.